Foto’s

dsc04054te9.jpgEigenlijk wilde ik zaterdag 21 juni de 6 uur van Den Haag lopen, maar gelet op mijn fit- en getraindheid, leek me dat niet verstandig. Dan was er nog het Rondje Voorne op 15 juni. Een ultraloop over 50 kilometer over het mooie eiland Voorne-Putten. Met als slijtageslag tussen 31 en 40 km: het strand.

Ik had geprobeerd iedereen nog een beetje in het ongewisse te laten. Maar de echte kenners hadden al snel door dat ik deze wedstrijd zou gaan lopen. Mijn 5e marathon van dit jaar. Ook aanwezig waren clubleden Marco, Ron en Corrie (heel goed Cor dat je er al weer bij was), Mark, Ton en Gerard.

Het was prima loopweer, alhoewel de zon soms iets te fel scheen. In een leuk groepje werd er gestart. Ton, Gerard en ik liepen bij elkaar. De verzorging en coaching was deze keer in handen van de super ervaren ultraloper Bert. Noem het op en Bert toverde het uit zijn tas. Favoriet van Gerard was een krentebol met chocopasta. Alleen de pannenkoeken ontbraken nog. Bert bedankt voor je goede zorgen. Bij 10 km moest Ton een stapje terugdoen. Het feestje van buurman Freek deed Ton de das om. Er werden exotische hapjes geserveerd. Dit deed Ton tot 3x toe in de bosjes belanden. Zelfs daarbij kon Bert helpen door een mooie witte rol aan te reiken.

Ik voelde dat mijn benen niet top waren, dus ik was al blij dat ik meekon. Halverwege (in Hellevoetsluis) liepen we een tijd van 2:11’12″. Dat zag er (nog) goed uit. Op 31 km werd het strand bereikt. Gerard raakte de eerste zandkorrel aan en was weg. Hij had dan ook maar één doel, en dat was mijn tijd van vorig jaar verbeteren. Ik kon het niet bijbenen. Al dat losse zand. Ik zocht me het apezuur naar een beetje hard strand. Ik vond het helaas niet. Gerard liep steeds verder weg. Mijn benen werden slechter en het tempo zakte drastisch.

Hier kwam dan toch het tekort aan trainingsarbeid om de hoek kijken. Ik strompelde verder over het zand. Uiteraard stond Bert halverwege het strand met zijn volledige fourage. Hij kwam handen tekort. Ik ging door in een laag tempo. Langzaam maar zeker werd het zand iets beter beloopbaar.

Maar het kaarsje was allang uit bij mij. Bij het autostrand van Oostvoorne werd de zandbak verlaten. De zon scheen in de rug. De wind was weg. Het was daar niet uit te houden in de duinen. Nadat ik op het strand al een keer gewandeld had, ging ik hier voor de tweede keer voor de bijl. Gelukkig kreeg ik van een estafetteteam een flesje water aangereikt, zodat ik het lichaam een beetje kon afkoelen. Het marathonpunt passeerde ik in 4 uur en een berg seconden.

Kilometer na kilometer telde ik af. 43, 44, 45…He wie zag ik daar. Daar zag ik een bekende, die ook last had van de warmte. Samen zijn we opgelopen naar de finish. Steeds een stukje hardlopen en dan weer een stukje wandelen. Kom op! Bij dat hek gaan we weer rennen. Zo hebben we elkaar goed kunnen helpen en waren de laatste kilometers nog enigszins te doen.

46, 47, 48 kilometer. Daar kwam topcoach Bert weer terugfietsen. Hij was natuurlijk eerst met Gerard meegegaan. En? zei Bert. Wat denken jullie dat Gerard gelopen heeft? 4:22, zei ik. Nee. Helaas. Gerard liep 30 seconden boven mijn p.r. Dus volgend jaar weer een poging. Uiteraard liep hij wel een p.r. en met 4:29’06″ liep hij een fantastische race. Ik kom binnen in 4:52’16″. Over het tweede deel doe ik dus een half uur langer. En niet veel later komt Ton binnen en volbrengt hiermee zijn eerste ultraloop. Ton van harte. Smaakt het naar meer?

Hans van Klaveren