De baan is van ons allemaal, zowel baan- als wegatleten die lid zijn van C.A.V. Energie kunnen te allen tijde (als de baan geopend is) van de baan gebruik maken en om het gebruik ordelijk te laten verlopen moet men zich houden aan regels opgesteld in het huishoudelijk reglement.

Baanregels volgens het huishoudelijk reglement van C.A.V. Energie:

  • Alle leden hebben toegang tot de baan.
  • Bij gebruik van de accommodatie hebben de reguliere trainingsgroepen voorrang ten opzichte van de individuele beoefenaars.
  • Tijdens wedstrijden kan niet worden getraind op de kunststofbaan.
  • Na gebruik te hebben gemaakt van materiaal van de vereniging, dient dit correct opgeborgen te worden, dit geldt ook voor de pionnen, horden e.d. Daarnaast zullen de trainers aan het eind van de training toezien op het op de juiste wijze opbergen van het materiaal en het goed achterlaten van de gebruikte technische voorzieningen.
  • Op baan en middenterrein zijn honden niet toegestaan. Op andere delen van de accommodatie dienen honden beslist te zijn aangelijnd.
  • Het rekken tegen de reclameborden en tegen de kozijnen en banken is niet toegestaan. Het herstel van beschadigingen en eventuele schoonmaakwerkzaamheden zijn voor rekening van de veroorzaker.
  • Trainers en atleten zijn verplicht bij onweer de atletiekbaan te verlaten.
  • Trainers zien toe op correct gebruik van het materiaal en de accommodatie.
  • Trainers zijn verplicht de aanwijzingen in acht te nemen. Schade, die ontstaat door het niet nakomen van de aanwijzingen en regels worden verhaald op de trainer.
  • Niet roken op het middenterrein.


Nadere regels van het bestuur, inzake individuele en of groepstrainingen:

  • Voordat men gebruik maakt van de baan meldt men zich bij de terreinbeheerder.
  • Pupillen mogen alleen gebruik maken van de baan, onder begeleiding van trainer(s) (Energie trainers).
  • Junioren en Senioren kunnen indien deze geopend is, vrij gebruik maken van de baan.
  • Niet leden mogen geen gebruik maken van de accommodatie.
  • Bij het trainen door meerdere trainingsgroepen, baan en/ of loop, overleggen de trainers over de indeling voor gebruik van de baan.

De baan is van ons allemaal!

Voorzorgs- en veiligheidsmaatregelen bij werpnummers:

  • Controleer het werpmateriaal voordat je gaat werpen. Dit is bij kogelslingeren draden, handvatten en ogen. Bij discus kan dit de schroef zijn.
  • Niemand mag zich aan de afworpzijde van de werper bevinden. Let op linkshandigen.
  • Bij zowel wedstrijden als trainingen mag er niet zonder opdracht geworpen worden.
  • De werper kijkt altijd of het veld vrij is. Preventief (voorkomen is nog altijd beter dan genezen).
  • Als kinderen trainen altijd extra opletten.
  • Als er een wedstrijd is waar ouders enthousiast met kinderen meelopen ook extra opletten. Deze willen wel eens ‘blind’ oversteken. Oudere en ervaren atleten doen dit ook nog wel eens.
  • Bij discus- en speerwerpen ook opletten vanwege het doorglijden van de discus of speer.
  • Bij discuswerpen en kogelslingeren niet te dicht bij de kooi staan. Het net bolt en komt naar buiten indien er een kogel of discus in vliegt.
  • Nooit met je rug naar de kooi of afwerpplaats het veld inlopen, als het werpen nog bezig is.
  • Sta als aanwezige niet tegen of bij een obstakel. Je kunt dan niet weg.
  • Controleer de kooi geregeld op zwakke plekken.
  • Een kooi garandeerd nooit 100 procent veiligheid! De veiligheid hangt af van mensen.
  • Een kogel of discus kan ook van de bovenkant van de kooi terugketsen. Let dus goed op.
  • Werp als groep nooit werpmateriaal naar elkaar over en weer.


Tenslotte nog dit:

  • Alle werpmaterialen zijn in handen van een onnadenkend- en onoplettende persoon onvoorspelbare en levensgevaarlijke projectielen. (Zie in 2004, een ongeluk met een speer dat dodelijk afliep in Liberec, Tsjechië).
  • Je bent op het veld met anderen, met andermans kinderen en met andermans ouders. Iedereen wordt weer thuis verwacht.
  • Ga er als werper vanuit dat niet iedereen altijd oplet. Houdt dus steeds rekening met anderen. Kijk eerst en denk na, werp pas als het echt kan.
  • Doe geen rare onverwachte dingen.
  • Gooi tijdens wedstrijden nooit de materialen terug richting de afwerpplaats, maar breng ze.
  • Ga nooit rennend het veld in om je werpmateriaal op te halen, maar doe dit altijd rustig wandelend. Uitglijden (bij nat gras bijv) en in een schuin in de grond staande speer vallen is levensgevaarlijk.
  • Elke werper draagt zijn eigen verantwoordelijkheid voor zichzelf en voor de anderen op het veld! Dit ontslaat de anderen niet van hun eigen verantwoordelijkheid voor veiligheid!
  • Corrigeer elkaar en anderen zonodig.
  • Niets is het waard om een risico, hoe klein ook, te nemen. De gevolgen kunnen afgrijselijk en zijn onomkeerbaar.
  • De veiligheid heeft de hoogste prioriteit.
  • Neem de het bovenstaande en alle andere veiligheidsmaatregelen in acht.